startpagina  ½   contact   ½   > afdeling Muziek en Woord >

 

 

afdeling

Beeldende Kunsten

 

Schoolstraat 23

9230 Wetteren

 

 actueel  .  contact  .   cursusaanbod  .   hoe inschrijven  .   over de academie  .   voor de cursist   .   lesgeven  .  meer   . 

  

 

 

 

 

- van 6 tot 11 jaar

- van 12 tot 17 jaar

- vanaf 18 jaar

- digitale beeldende kunsten

- fotokunst

- keramiek

- kunstexploratie

- schilderkunst

- tekenkunst

- videokunst

 

 

- kunstgeschiedenis

- lezingen

- openbare lessen

- studiereizen

- aanbod voor basisscholen

- stagelessen

- projectlessen animatie

 

 

 

Hugo Van Alboom, 5e jaar hoger graad Schilderen (atelier Frank Dobbelaere en Ivan De Smaele - 2010)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Hogere graad  SCHILDERKUNST

 

 

 

€ 203 (met vermindering € 120)  voor het volledige schooljaar.

Tweemaal per week, telkens vier lesuren

naar keuze uit volgende momenten:

  • maandag: 13u30 - 17u00 (Dobbelaere)

  • maandag: 18u30 - 22u00 (Dobbelaere)

  • dinsdag: 13u30 - 17u00 (Dobbelaere)

  • dinsdag: 18u30 - 22u00 (Dobbelaere)

  • woensdag: 18u30 - 22u00 (De Smaele)

  • zaterdag: 09u00 - 12u30 (De Smaele)

Leerkrachten: Frank Dobbelaere & Ivan De Smaele

 

 

 

Je bekwaamt je in olieverf, acryl en aquarel of uitsluitend één van deze technieken. Perspectief, verhouding, tonaliteitstudie, tonale compositie, kleurencompositie komen via stilleven, landschap, interieur, menselijk figuur, portret, abstractie en figuratie aan bod. Aan de hand van thema's zoals waarneming naar de natuur, stilleven, detailstudie, schetsen, portret en figuurtekenen wordt de techniek van het schilderen aangeleerd.  Daarbij maakt men gebruik van perspectief, meettechnieken, vormstudie en compositie.  De meest gebruikte materialen die je zelf moet aankopen zijn:  potloden, acryl of olieverf, aquareldoos, penselen, aangepaste papiersoorten zoals aquarelpapier, doek en chassis, schilderspaneel, ...

In het vierde en vijfde jaar hogere graad maakt één uur kunstgeschiedenis deel uit van het lessenpakket, in de beide jaren specialisatiegraad één uur bijzondere kunstgeschiedenis.

>terug naar boven>

 

 

 

het lessenprogramma van de optie SCHILDERKUNST

 

eerste jaar

Via hoofdzakelijk stillevens en waarnemingsoefeningen leren we de eerste technieken van het schilderen aan: het werken met grijswaarden, daarna met kleuren.  In het begin wordt er veel aandacht besteed aan perspectief, verhoudingen, meettechnieken.

>terug naar boven>

 

 

tweede jaar

Naast het stilleven is er, door middel van foto's en werken in open lucht, veel aandacht voor het landschap.  Bovendien werken we interpretaties uit naar foto's en natuurfragmenten (schelpen, takken, groenten, …).  Hierbij wordt niet enkel realistisch gewerkt maar zet men de eerste stappen naar abstract componeren. Er wordt geschilderd met een uitgebreid kleurenpalet.  Bijzondere aandacht krijgt de kleur en de intensiteit, het globaal kleurgebruik en de onderlinge beïnvloeding.  Daarbij leert men diverse oude en nieuwe technieken aan : grisaille, overgangen in hard- en softedge, vlakbewerking in impasto, glacis en frottage.

>terug naar boven>

 

 

derde jaar

Er wordt veel aandacht besteed aan compositie, sfeer en interpretatie.  De onderwerpen worden zeer gevarieerd (stilleven, interieur, landschap, …) met daarbij de voorstudie en bestaand beeldmateriaal als uitgangspunt of hulpmiddel.  Een belangrijk thema wordt het figuur waarbij frequent naar levend model (zowel gekleed als naakt) gewerkt wordt.  Daarnaast wordt dieper ingegaan op het schildersproces: van voorstudie tot eindresultaat.

>terug naar boven>

 

 

vierde jaar

De leerling kiest zijn technieken die hij wil uitdiepen via diverse thema's : portret, onderwerpen naar eigen keuze, interpretaties.  Nadruk op de evolutie van studiewerk tot eindresultaat en het ontwikkelen van een eigen stijl, via onderwerp, kleurgebruik, vorm en formaat.

>terug naar boven>

 

 

vijfde jaar

De leerling moet nu een ruim inzicht hebben en over vormelijke, coloristische en technische vaardigheden bezitten om met een persoonlijke visie en een vrij gekozen onderwerp (bvb. model, portret, landschap, abstracte composities, variatie op een voorwerp,...) een eigen stijl te ontwikkelen.  Met een reeks werken stelt men zich aan de eindjury voor.  Uiteraard wordt rekening gehouden met de individuele capaciteiten en technische voorkeuren van de leerling.

>terug naar boven>

 

 

Specialisatiegraad

De 'eigen stijl' wordt verder uitgediept en verfijnd. De werkfasen worden regelmatig met de leerkracht besproken in een strikt persoonlijke begeleiding.

>terug naar boven>